De afgelopen maanden zien we bij logistieke bedrijven in Nederland een patroon dat zich telkens herhaalt in de dagelijkse operatie;
Planners die routes aanpassen omdat ritten ineens minder rendabel zijn.
Financials die bij de maandafsluiting zien dat de marge “net iets lager” uitvalt.
Directies die het gevoel hebben dat er ergens geld weglekt, maar nog niet precies waar.
Op het eerste gezicht lijkt het logisch. Dieselprijzen zijn gestegen. Dat gebeurt vaker. Daar zijn immers dieselclausules voor. Die worden doorbelast. Probleem opgelost.
Maar dat is precies waar het nu misgaat.
Wat er daadwerkelijk speelt achter de schermen
Sinds januari 2026 zijn dieselprijzen met ongeveer 25% gestegen. Voor een sector waarin brandstof gemiddeld zo’n 25% tot 35% van de totale kosten uitmaakt, betekent dat in de praktijk een stijging van de totale kosten met circa 7% tot 8%.
Dat lijkt beheersbaar, totdat je het naast de marges legt waar veel logistieke bedrijven op draaien. Die liggen vaak tussen de 5% en 10%.
Daarmee ontstaat een fundamenteel probleem.
Niet omdat de kosten stijgen, maar omdat ze sneller stijgen dan organisaties kunnen reageren. In de praktijk zien we dat deze kostenstijging binnen enkele weken kan leiden tot een situatie waarin tot 75% van de winst verdampt, zonder dat de omzet verandert.
En dat gebeurt niet in één keer zichtbaar. Het gebeurt gefaseerd, verspreid over klanten, ritten en contracten.
Waarom dit probleem onderschat wordt
Wat opvalt in gesprekken met CFO’s en finance managers binnen logistieke organisaties, is dat het probleem zelden begint als een strategisch risico. Het begint als een kleine afwijking.
Een marge die iets lager uitvalt. Een kostenpost die net hoger is dan verwacht. Een forecast die moet worden bijgesteld.
Maar als je inzoomt, zie je een ander beeld.
De kern van het probleem zit in de timing. Brandstofprijzen stijgen direct. De doorbelasting naar klanten gebeurt vertraagd. Soms met een maand, soms met een kwartaal, soms gedeeltelijk door contractuele beperkingen.
In die periode gebeurt er iets wat zelden expliciet wordt benoemd: bedrijven financieren hun eigen kostenstijging.
Brandstof wordt afgerekend tegen de actuele prijs. Klanten betalen op basis van oude tarieven. Correcties volgen later, maar de marge is dan al geraakt en de cash is al uit de organisatie verdwenen.
Dit is ook precies wat sectoranalyses van banken en marktpartijen benadrukken. Dieselclausules werken, maar ze lopen structureel achter op de realiteit van de markt. En in een stabiele markt is dat acceptabel. In een volatiele markt, zoals nu, wordt dat een structureel probleem.
Wat we concreet zien bij logistieke bedrijven
Wanneer we dieper kijken naar de cijfers van organisaties, ontstaat een consistent beeld.
De eerste signalen zitten niet in de omzet, maar in de marge per klant. Sommige klanten blijven rendabel, anderen worden ongemerkt verlieslatend. Niet omdat ze minder betalen, maar omdat de kostenstructuur onder hen verandert.
Tegelijkertijd ontstaat er druk op de cashflow. Werkkapitaal loopt op. Kredietlijnen worden intensiever gebruikt. De afstand tussen winst en beschikbare cash wordt groter.
En terwijl dit gebeurt, begint zich een tweede effect af te tekenen. Hogere energieprijzen raken ook de klanten van logistieke bedrijven. Industrieën die afhankelijk zijn van energie-intensieve processen gaan productie terugschalen. Dat vertaalt zich uiteindelijk naar minder transportvolume.
Daarmee ontstaat een dubbele druk: hogere kosten en mogelijk lagere volumes.
Dit is het moment waarop een tijdelijk probleem overgaat in een structureel risico.
Wat experts hierover zeggen
Wat opvalt in recente sectorinzichten is dat brandstof niet langer wordt gezien als alleen een kostencomponent, maar als een strategische risicofactor.
Niet omdat het de grootste kostenpost is, maar omdat het de meest volatiele is en direct doorwerkt in marge en cashflow.
Daarnaast wordt steeds duidelijker dat traditionele manieren van sturen tekortschieten. Maandrapportages geven te laat inzicht. Contractuele doorbelasting loopt achter. En organisaties die geen inzicht hebben op klant- of contractniveau, missen waar het probleem daadwerkelijk zit.
De conclusie die steeds vaker wordt getrokken is helder: bedrijven die sneller inzicht hebben en sneller kunnen bijsturen, behouden grip. De rest reageert achteraf.
Waar organisaties nu concreet het verschil maken
In de praktijk zien we dat de organisaties die deze periode beter doorkomen, één ding gemeen hebben. Zij wachten niet tot de maandafsluiting om te begrijpen wat er gebeurt.
Zij maken inzicht direct.
Niet alleen op totaalniveau, maar per klant, per contract, per stroom. Ze begrijpen waar de kostenstijging daadwerkelijk landt en waar deze niet wordt doorbelast.
Daarnaast verkorten ze de afstand tussen operatie en finance. Prijsaanpassingen worden sneller doorgevoerd. Contracten worden actiever herzien. En er wordt actief gestuurd op cash, niet alleen op resultaat.
Ook zien we dat deze organisaties technologie inzetten om sneller te kunnen schakelen. Niet als doel op zich, maar om inzicht te versnellen. Dashboards die realtime inzicht geven in marges. Scenario-analyses die direct laten zien wat een verdere stijging van dieselprijzen betekent.
En in sommige gevallen wordt er zelfs gekeken naar hedging-strategieën, om een deel van het risico af te dekken en voorspelbaarheid te creëren.
Wat dit vraagt voor de lange termijn
Als de huidige situatie aanhoudt, wordt duidelijk dat dit geen tijdelijke verstoring is. Het vraagt om een structurele verandering in hoe logistieke organisaties sturen.
Pricing wordt een continu proces in plaats van een periodieke aanpassing. Finance verschuift van rapporteren naar realtime sturen. Scenario-denken wordt de standaard, niet de uitzondering.
En misschien nog belangrijker: inzicht wordt geen bijproduct van de maandafsluiting, maar een voorwaarde om überhaupt te kunnen opereren.
De rol van Stars of Finance in deze realiteit
Wat wij in de praktijk zien, is dat organisaties niet snel genoeg de impact kunnen vertalen naar actie.
Daar zit precies onze rol.
Wij helpen logistieke organisaties om inzicht te creëren in de daadwerkelijke impact van kostenstijgingen. Niet op hoofdlijnen, maar op het niveau waar beslissingen worden genomen.
We maken zichtbaar wat de stijging van dieselprijzen betekent voor marge, cashflow en klantrendabiliteit.
Vanuit daar helpen we om risico’s concreet te maken en te beperken. Door inzicht te geven in waar doorbelasting achterblijft. Door scenario’s door te rekenen. Door te laten zien welke contracten onder druk staan.
Maar inzicht alleen is niet voldoende.
Daarom ondersteunen we ook in het bepalen en implementeren van de juiste knoppen om aan te draaien.
Denk aan het aanscherpen van pricing richting klanten, het verbeteren van cashflowbeheer,
het inrichten van stuurinformatie en het ondersteunen bij strategische keuzes zoals hedging of herpositionering van het klantportfolio.
Dit doen we niet alleen met advies, maar ook met de juiste mensen en technologie. Financials die begrijpen hoe operatie en data samenkomen.
Tools die inzicht versnellen. En processen die ervoor zorgen dat organisaties niet alleen begrijpen wat er gebeurt, maar er ook daadwerkelijk op kunnen sturen.
Tot slot
De stijgende dieselprijzen van dit moment zijn geen tijdelijk ruis op de lijn.
Ze leggen bloot hoe kwetsbaar marges kunnen zijn in een sector met dunne winsten en hoge afhankelijkheid van variabele kosten.
Organisaties die dit zien als een signaal om hun manier van sturen te verbeteren, bouwen een structureel voordeel op.
De rest blijft reageren op wat al gebeurd is.
En in deze markt is dat precies het verschil tussen controle houden en langzaam marge verliezen.